Een rouwproces
Voorheen was mijn liefde voor Israël onproblematisch. Mooie romans, moedige mensen, ruimte om te leven en te bouwen aan een nieuwe toekomst. En dat voor het Joodse volk dat in de geschiedenis zo vaak in het nauw was gedreven, met als verbijsterend dieptepunt de massavernietiging in de Tweede Wereldoorlog. Op een dieper niveau hield ik rekening met de mogelijkheid dat de staat Israël een plaats heeft in Gods heilsplan. Maar mijn sympathie voor de staat Israël is voorbij. Het is voor mij een rouwproces.
Een bedreigde staat
Mijn moeite geldt de manier waarop de staat Israël zich politiek en militair profileert. Ik realiseer mij daarbij dat de dreigingen voor de staat groot zijn. Vanaf de oprichting is een groot deel van de Arabieren die daar en elders wonen én van de Perzen erop gericht de staat Israël te vernietigen. ‘Van de zee tot aan de zee’ is een leus die nauwelijks verholen uitspreekt dat het Joodse volk moet worden verdreven uit het land. Een tweestatenoplossing is en wordt door de meeste Palestijnen afgewezen. En áls die wordt aangeprezen is dat als tussenfase in de strijd tegen Israël. Hezbollah heeft zich in Libanon tot de tanden bewapend om Israël plat te gooien. Het had een communicatiesysteem, inmiddels door Israël vernietigd, om militairen in de burgermaatschappij snel op te roepen voor de strijd. Het tunnelsysteem in Gaza is gericht op een sterke, onzichtbare, want onder de bevolking verborgen tegenmacht die Israël effectief bestrijdt. Iedere tegenaanval op Hamas zal onvermijdelijk veel burgers treffen en daarmee de PR van Israël in de wereld schaden. En op 7 oktober 2023 is Hamas een gruwelijke actie begonnen op burgers in Israël, die niet onbeantwoord kon blijven.
Israëls militaire optreden
Toch heb ik grote moeite met het optreden van Israël. Die geldt de meedogenloosheid waarmee de huidige regering in Gaza heeft huisgehouden, en nu ook in Libanon optreedt. Veel burgerslachtoffers, waaronder veel vrouwen en kinderen, zijn het gevolg. Woonwijken, ziekenhuizen en scholen worden niet ontzien.
Palestijnen van hun grond verdreven
De tweede reden is de manier waarop Israël bezig is de westelijke Jordaanoever te annexeren. Gebieden die in 1947 door de VN aan Arabieren waren toegewezen worden steeds meer onder Israëlisch bestuur gebracht. Palestijnen worden weggepest en van hun familiegrond verdreven, Joodse kolonisten eigenen zich de gebieden toe met een arrogantie die alleen maar weerzin kan wekken. De Israëlische overheid ziet het in de meeste gevallen door de vingers en treedt er niet tegen op.
Genocide?
Ik wil me niet wagen aan een oordeel of het geweld dat Israël gebruikt buitenproportioneel en ongericht is, gemeten naar het oorlogsrecht. De kwalificatie ‘genocide’ klinkt mij als propaganda van de tegenstander in de oren. Hoewel ik aanneem dat er extreemrechtse krachten in Israël werkzaam zijn en invloed hebben die niet voor genocide terugdeinzen.
Israël en het koninkrijk van God
Mijn punt is dat dit optreden van Israël op geen enkele manier te verbinden is met het koninkrijk van God dat Christus op aarde brengt. Bidden voor Israël als bijzondere staat in Gods plan druist in tegen wat Jezus gepredikt heeft. Als je dat toch doet, krijgt het onvermijdelijk iets vergoelijkends, want de sympathie voor de staat Israël bepaalt dan onwillekeurig de ondertoon. Maar oorlogsgeweld past niet in de strategie van God voor zijn heilstijd. Is het land dan niet door God in de Bijbel aan Israël beloofd? De vervulling van het rijk van David is in het Nieuwe Testament niet de staat Israël, maar het koninkrijk van God. Dat is wel voor deze wereld bestemd, maar het is niet van deze wereld (Johannes 18:36).
Niet meer bidden voor Israël als Gods gebied
Daarom kan ik in de kerk niet meer bidden voor Israël. Dat wil zeggen: ik kan nog wel voor Israël bidden zoals ik voor Oekraïne bid, of voor Gaza, of Nederland, maar niet in de zin dat Israël een bijzonder land is in Gods oog. Iedere associatie van de huidige politieke werkelijkheid met het heilshandelen van God, daar blijf ik van weg.
Bidden voor het Joodse volk
Maar begrijp me niet verkeerd. Ik blijf voor het Joodse volk bidden. Dit is het volk waarmee God zijn verbond heeft gesloten. Zijn roeping en verkiezing van het volk Israël maakt Hij niet ongedaan. Wij hebben veel aan de Joden te danken en wij kunnen veel van hen leren. Zij hebben de christenen ook veel te verwijten. Jezus zelf is een Jood. God is nog iets met dit volk van plan. Als wij ons losmaken van het Joodse volk, gaan wij ons boven dit volk verheffen, hoewel wij daarbij in de schuld staan.
Als je uitvoeriger mijn visie op Israël en de landbelofte wilt lezen, klik dan hier.
