Stille Week 2022

Stille Zaterdag 16 april


Lucas 23

50-51Er was ook een man die Josef heette en afkomstig was uit de Joodse stad Arimatea. Hij was een raadsheer, een goed en rechtvaardig mens, die de komst van het koninkrijk van God verwachtte en niet had ingestemd met het besluit en de handelwijze van de raad. 52Hij ging naar Pilatus en vroeg hem om het lichaam van Jezus. 53Nadat hij het lichaam van het kruis had gehaald, wikkelde hij het in linnen doeken en legde het in een rotsgraf dat nog nooit was gebruikt. 54Het was de voor-bereidingsdag, de sabbat was bijna aangebroken. 55De vrouwen die met Jezus waren meegereisd uit Galilea, waren Josef gevolgd. Ze zagen het graf en zagen ook hoe Jezus’ lichaam er werd neergelegd. 56Daarna gingen ze naar huis, waar ze geurige olie en balsem bereidden. Op sabbat namen ze de voorgeschreven rust in acht.

LVIV

Stad in het westen, dichtbij de Poolse grens, de poort naar de EU. Nog bijna ongeschonden, vol vluchtelingen die een schuilplaats zoeken en hun wonden likken. Wat hebben ze veel meegemaakt. Alles zijn zij kwijtgeraakt.

Een vergelijkbaar gevoel hadden de volgelingen van Jezus. Hun Meester is er niet meer! Niet gevlucht, maar gedood en begraven. De strijd is gestreden. De rust is ingetreden, maar wel met een gevoel van verlies en verlorenheid.

Toch is er meer aan de orde dan verslagenheid. Er is een wachten op grote dingen die komen gaan. De dood heeft niet het laatste woord. Ze wordt overwonnen.

Zal Oekraïne herrijzen? Op Stille zaterdag moet het antwoord nog worden onthuld.

Heer, om uw vijf wonden rood,
om uw onverdiende dood,
smeken wij in onze nood,
Kyrie eleison.

Gezang 178: 10

Geplaatst in Geen categorie | Getagged , , , | Een reactie plaatsen

Stille Week 2022

Goede Vrijdag 15 april

Lucas 23

39Een van de gekruisigde misdadigers zei spottend tegen Hem: ‘Jij bent toch de messias? Red jezelf dan en ons erbij!’ 40Maar de ander wees hem terecht met de woor-den: ‘Heb jij dan zelfs geen ontzag voor God nu je dezelfde straf ondergaat? 41Wij worden terecht gestraft: het is ons verdiende loon. Maar die man heeft niets verkeerds gedaan.’ 42En hij zei: ‘Jezus, denk aan mij wanneer U in uw koninkrijk komt.’ 43Jezus antwoordde: ‘Ik verzeker je: nog vandaag zul je met Mij in het paradijs zijn.’


KYIV (KIEV)

De hoofdstad van Oekraïne: aanvankelijk het grote doel van de brute militaire inval. Met als hoofdprijs: president Zelenski, voormalig komiek. Wat een bijzondere rol speelt hij. Als inspirator van zijn volk, als spreekbuis naar de wereld, als uitdager van de Russen zette hij zijn leven op het spel. Hij voedt de moed en de hoop. Hij is positief.

Jezus heeft zijn leven op het spel gezet. Van de buitenkant bekeken ziet het er slecht uit. Maar zelf is Hij overtuigd van iets beters, zelfs aan het kruis.
‘Heden zul je met Mij in het paradijs zijn’, zegt Hij tegen één van zijn medegekruisigden. Hij blijft geloven in de goede afloop. Hij behaalt de overwinning. Het paradijs komt binnen bereik. Jezus’ koninkrijk gaat open voor boetvaardige bandieten. Het opschrift dat boven zijn hoofd is aangebracht, is geen lugubere grap, geen komische knaller, het is waar: ‘Dit is de koning van de Joden.’ Wij mogen ons door Hem laten inspireren.

Om uw kruis, Heer, bidden wij,
om de speerstoot in uw zij,
ga aan onze schuld voorbij,

Kyrie eleison.

Gezang 178: 9

Geplaatst in Geen categorie | Getagged , , , | Een reactie plaatsen

Stille Week 2022

Witte Donderdag 14 april

Marcus 14

13Hij stuurde twee van zijn leerlingen op pad en zei tegen hen: ‘Ga naar de stad. Daar zal een man die een kruik water draagt jullie tegemoetkomen; volg hem, 14en wanneer hij ergens binnengaat, moeten jullie tegen de heer des huizes zeggen: “De meester vraagt: ‘Waar is het gastenvertrek waar Ik met mijn leerlingen het pesachmaal kan eten?’” 15Hij zal jullie een grote bovenzaal wijzen, die al is ingericht en waar alles gereedstaat; maak daar het pesachmaal voor ons klaar.’


ODESA (ODESSA)

Odessa, de stad met de witte paleizen, lag bij het schrijven nog in volle glorie te schitteren aan de Zwarte Zee, in het zuiden van Oekraïne. Alleen de openbare kunstwerken werden ingepakt, om ze te beschermen tegen eventuele luchtaanvallen, en toegangswegen zijn gebarricadeerd met zandzakken. Hoe lang zal dat nog duren? Hoe zal de situatie over een maand zijn?

In een moment van rust treffen twee leerlingen van Jezus voorbereidingen om de pesachmaaltijd te vieren. ‘Volg een man met een kruik op het hoofd.’ Dat deden niet veel mannen, dat was meer vrouwenwerk, destijds. Een afgesproken teken? Oppassen voor de geheime dienst? Het rustmoment wordt hun gegund.

Teken van troost: Jezus geeft aan de pesachviering een verrassende wending. Het brood en de wijn spreken van zijn lijden en sterven voor ons. Eens zal Hij het weer vieren met de zijnen. Het koninkrijk van God breekt door. Hij leidt alles ten goede, door de diepste diepte heen.
Laat het geweld maar losbreken.

Om het brood, Heer, dat Gij breekt,
om de beker die Gij reikt,
om de woorden die Gij spreekt,
Kyrie eleison.

Gezang 178: 4

Geplaatst in Geen categorie | Getagged , , , | Een reactie plaatsen

Stille Week 2022

Woensdag 13 april

Marcus 14

3Toen Hij in Betanië in het huis van Simon – degene die aan een huidziekte had geleden – aanlag voor de maaltijd, kwam er een vrouw binnen. Ze had een albasten flesje bij zich dat gevuld was met zeer kostbare, zuivere nardusolie. Ze brak het flesje open en goot de olie uit over zijn hoofd. 4Sommige aanwezigen zeiden geërgerd tegen elkaar: ‘Waar is deze verkwisting goed voor?’ 6Maar Jezus zei: ‘Laat haar met rust, waarom vallen jullie haar lastig? 8Wat ze kon, heeft ze gedaan: ze heeft mijn lichaam nu al met olie gebalsemd, met het oog op mijn begrafenis. 9Ik verzeker jullie: waar ook maar ter wereld het goede nieuws verkondigd wordt, daar zal ter herinnering aan haar verteld worden wat zij heeft gedaan.’


KHARKIV (CHARKOV)

Deze stad in het noordoosten van Oekraïne lag de eerste weken van de oorlog voortdurend zwaar onder vuur, maar hield stand. Het lijkt wel of het offensief hier is vastgelopen, zoals ook op andere plaatsen. Waar haalden de mensen de moed vandaan?

Waar haalde die vrouw de moed vandaan, om tegen de heersende mening in haar uitzonderlijke daad te verrichten en haar vermogen over Jezus uit te gieten?

Het was liefde. Liefde voor het land en de stad in het eerste geval, liefde voor Jezus in het tweede.

Liefde doet wonderen. Liefde is tot meer dan het gewone in staat.

Mensen die de moed van de liefde opbrengen, verdienen het om in herinnering te blijven. Denk aan Nelson Mandela, aan Desmond Tutu, en bij ons aan Titus Brandsma in de tweede wereldoorlog. Zij zijn een lichtend voorbeeld, zoals ook die vrouw dat is. Op een ander niveau dwingen ook de inwoners van Kharkiv respect bij ons af.

Om de zalving door een vrouw,
vreugde-olie, geur van rouw,
teken van wat komen zou,
Kyrie eleison.

Gezang 178: 3

Geplaatst in Geen categorie | Getagged , , , , | Een reactie plaatsen

Stille Week 2022

Dinsdag 12 april

Lukas 19

41Toen Hij Jeruzalem voor zich zag liggen, begon Hij te huilen om de stad. 42Hij zei: ‘Had ook jij op deze dag maar geweten wat vrede kan brengen! Maar dat blijft voor je verborgen, ook nu. 44Ze zullen je met de grond gelijkmaken, omdat je de tijd van Gods ontferming niet hebt herkend.’


MARIOEPOL

Om deze stad kun je huilen. Een havenstad strategisch gelegen aan de Zee van Azov en grenzend aan de afvallige oostelijke regio Donbas, is wekenlang het mikpunt geweest van Russisch artillerievuur. Een muziektheater is in puin geschoten, een ziekenhuis met een kraamafdeling, een kunstacademie. Naar schatting 130 mensen onder de puinhopen levend begraven in de schuilkelder. Vluchtroutes worden telkens weer onder vuur genomen, vooral wanneer mensen wegrennen zodra ze ontdekken dat ze naar Russisch grondgebied worden gebracht. Aan alles is gebrek. Maar het stadsbestuur weet van geen wijken. Overgave? Nooit! Zo is de stand van zaken althans wanneer ik dit opschrijf. De afkeer van Russische overheersing is zo groot, dat het verzet ongekend vastberaden is. De mensen weten wat ze willen: leven in vrijheid, zonder onrecht.

Om Jeruzalem is ook gehuild. Jezus was het die dat deed. De omstandigheden waren heel anders. Hij vestigde zijn blik op de stad die lag te blinken in de zon. Op dat moment was er nog niets aan de hand. Maar de vrede was van betrekkelijk korte duur. De verwoesting zou 40 jaar later een feit zijn. Een grote puinhoop. Jezus voorzag dat. De stad zou zelf in opstand komen tegen de Romeinen, maar aan Gods Messias voorbijgaan. Hadden ze Hem maar als de vorst van de vrede erkend en waren ze Hem maar gevolgd op weg naar het rijk van God. Nog steeds roept Hij de mensheid daartoe op, in oost en west, in noord en zuid. Op de puinhopen van ons bestaan is Hij onze Redder. Ook voor de ontredderde mensen in Marioepol.


Heer, om uw zachtmoedigheid,
vorst die op een ezel rijdt
en om Sions onwil schreit,

Kyrie eleison.

Gezang 178: 2

Geplaatst in Geen categorie | Getagged , , , , | Een reactie plaatsen

Stille Week 2022

Elke avond tot aan Pasen zal ik een meditatieve tekst posten op mijn weblog.
Daarin breng ik het lijden van Jezus in verband met de verschrikkingen die nu plaatsvinden in Oekraïne.
Beide thema’s houden ons erg bezig.
Het kan toch niet zo zijn dat deze twee werelden geheel gescheiden zijn.
God is bewogen met wat daar gebeurt.
Ik wens ieder een bemoedigend toeleven naar Pasen, het feest van de overwinning door lijden heen.

Maandag 11 april

Jesaja 53

3Hij werd veracht, door mensen gemeden,
hij was een man die het lijden kende
en met ziekte vertrouwd was,
een man die zijn gelaat voor ons verborg
en door ons werd verguisd en geminacht.
4Maar hij was het die onze ziekten droeg,
die ons lijden op zich nam.
Wij echter zagen hem als een verstoteling,
door God geslagen en vernederd.
5Om onze zonden werd hij doorboord,
om onze wandaden gebroken.
De straf die hij onderging bracht ons vrede,
zijn striemen gaven ons genezing.


KHERSON (CHERSON)

Het is de eerste stad die in handen van de Russen gevallen is, in het zuiden van Oekraïne. Maar de bevolking bleef moedig de straat op gaan met Oekraïense vlaggen, om te protesteren tegen het onrecht van de brute oorlog en op te komen voor een leven in vrijheid. Zal het helpen? Misschien ontmoedigt het Russische militairen, die bij zichzelf gaan denken: waarom doen wij dit? Inmiddels had het de schijn dat de indringers zich zouden terugtrekken.

Onrecht – ook Jezus werd erdoor getroffen. Maar in zijn sterven aan het kruis kwam Hij moedig op voor het recht van Gods liefde. De profeet sprak er al van: door mensen veracht en gemeden, werd Hij om onze zonden doorboord. Heeft het geholpen? Zijn lijden bracht herstel. Deze manifestatie van zinloze opstand tegen God werd door de genadige God gemaakt tot de bron van verzoening. Hij is onze hoop!


Jezus, om uw lijden groot,
om uw leven en uw dood
die volbrengen ’t recht van God,

Kyrie eleison.

Gezang 178: 1

Geplaatst in Geen categorie | Getagged , , | Een reactie plaatsen

Ds. Rein Kok op de ambtsdragersconferentie van Bewaar het Pand

Een goed gesprek is geen meningenstrijd, maar een gedachtewisseling over een vraag die je bezighoudt. Een goed geestelijk gesprek doet dat in het verlangen elkaar te dienen en te vinden in liefde. Helaas is de toespraak van collega Rein Kok Delen en/of helen op de ambtsdragerconferentie van Bewaar het Pand geen uitnodiging om zo’n gesprek aan te gaan. Hij legt niet uit dat er vragen liggen waarop we antwoorden zoeken, hij gaat niet in op de antwoorden die tot nu toe gegeven zijn, hij verklaart zich niet nader waarom sommige antwoorden zijn voorkeur hebben, hij schetst alleen opvattingen: opvattingen die hij verwerpt en opvattingen die de waarheid bevatten. En zo zet hij mij aan de verkeerde kant. Dat doet hij naar aanleiding van de brochure die ik eind vorig jaar geschreven heb, Hoe komt de kerk uit de crisis? Maar hij gaat verder terug, tot mijn boek uit 1994 De geloofwaardigheid van de Bijbel. Alleen maar opvattingen, geen probleemstellingen die om een antwoord vragen. Daarom kan ik de hoorder of lezer van zijn toespraak niet kwalijk nemen dat die bij het luisteren of lezen alleen maar bevreemding en onbegrip voelt opkomen bij wat ik naar voren breng.

Het is lastig om op zijn voorstelling van zaken in te gaan, omdat hij blijkbaar niet geïnteresseerd is in het ‘waarom’ van mijn uitspraken, niet geïnteresseerd in de vragen die erachter liggen en de weg van daaruit naar mijn (altijd voorlopige) antwoorden. Toch doe ik een beperkte poging.

In zijn teruggrijpen op mijn boek uit 1994 gaat hij voorbij aan de vraagstellingen die mij bewegen. Een daarvan is: hoe moeten wij de Schrift interpreteren, als een letterlijke duiding tot tegenstrijdigheden leidt, waarbij pogingen tot harmonisatie geforceerd aandoen en daardoor niet overtuigen? In de beantwoording daarvan zoek ik mijn weg, die ik trouwens graag voor beter geef. Maar betere antwoorden heb ik nog niet gekregen, ook niet van hem.

Hij gaat (bijna geheel) voorbij aan de vraag of de scheppingsorde in de Bijbel echt zo doorslaggevend is als vaak wordt beweerd. Ik verwijs daarvoor naar de joodse Schriftuitleg, de midrasj, als de manier waarop de nieuwtestamentische Bijbelschrijvers en ook Jezus zelf zijn gevormd in hun omgang met het Oude Testament, een manier waarop de uitleg wordt verweven met de (toenmalige) actualiteit. Die noemt hij wel, maar alleen om te laten zien hoe verwerpelijk de consequenties zijn die ik daaraan verbind. Hij blijkt geen last te hebben van vragen als: wat betékent het midrasj-achtige beroep in het Nieuwe Testament op het Oude voor de toepassing in ónze actualiteit?

Een andere vraag is hoe Paulus omgaat met de wet: de wet die als letter doodt, de liefde die de wet vervult, het vrij zijn van de wet, de rechtseis van de wet, de geestelijke betekenis van de wet. Kok gaat daar helemaal niet op in. Hij beperkt zich tot algemeenheden en citaten van anderen, meningen dus. Een voorbeeld: het citaat ‘We mogen de geboden nooit ten gunste van de eis van de liefde schrappen’. Hij gaat voorbij aan mijn toelichting dat het daar niet om gaat.

Het is diep triest te zien waarop zijn weergave van uitspraken die ik deed, uitloopt. ‘Als uiteindelijk de cultuur bepalend is, bevinden we ons op een glijbaan. Het bracht H.M. Kuitert tot de slotsom dat het geloof, inclusief het geloof in een god, verbeelding is.’ Zo’n uitspraak drukt zijn diepe bezorgdheid uit, dat begrijp ik wel. Maar ze is vooral suggestief en insinuerend. Ze suggereert namelijk de kwalijke gedachte dat uiteindelijk de cultuur bepalend is. Een van de speerpunten van mijn brochure is echter, dat weliswaar de cultuur onvermijdelijk een rol speelt in onze uitleg, maar dat de cultuur niet bepalend is. Daarom is de glijbaan van Kuitert niet aan de orde; schadelijke beeldvorming en polarisatie wel.

De Bijbel gaat ons erin voor kritisch te zijn op de heidense cultuur die Israël en de kerk omringt. Denk bij ons bijvoorbeeld aan de individualistische genotscultuur. Maar de Bijbel sluit ook aan bij algemeen aanvaarde (= cultureel bepaalde) praktijken, zoals polygamie en slavernij. In onze cultuur zitten diep gevoelde waarden die voor velen onopgeefbaar zijn, bijvoorbeeld persoonlijke ontplooiing en gelijke kansen voor vrouwen en mannen. Mijn bijdrage aan de discussie is een Bijbelse verantwoording van hoe we daarmee om moeten gaan.

Met zijn lezing heeft Kok de kerken geen dienst bewezen. Ze leidt alleen maar tot hakken in het zand, jezelf en je eigen groep versterken in de eigen mening, geen enkele moeite doen om de ander te begrijpen. Ik stel dit met leedwezen vast. Ook vind ik dat hij mij daarmee onrecht doet.

Dat brengt mij bij mijn laatste punt. Net als in mijn vorige blog neem ik de proef op de som. Heeft ds. Kok met zijn hermeneutische gereedschapskist míj verstaan? Het negatieve antwoord komt uit het bovenstaande ons tegemoet. Hij heeft mij niet begrepen en recht gedaan. Hoe zou dat komen? Daarvoor grijp ik terug op het begin. Een goed gesprek is geen meningenstrijd, maar een gedachtewisseling over een vraag die je bezighoudt. Die achterliggende vraag werpt licht op het ‘waarom’ van wat er gezegd wordt. Eens te meer blijkt: om een uitspraak te verstaan, moet je vragen naar de intentie die in de context tot uitdrukking komt. Dat is wat ik voortdurend probeer. Als dat niet wordt onderkend door iemand die over mij schrijft of spreekt, kan het niet anders of die persoon geeft een misleidende voorstelling van zaken. Een belangrijke hint voor onze hermeneutiek: laten we steeds weer vragen naar het ‘waarom’ van wat er staat.

Geplaatst in Logboek | Getagged , , , | Een reactie plaatsen

Pieter Boonstra versus Bert Loonstra

In het januarinummer 2022 van Nader Bekeken breekt ds. Pieter Boonstra, GKv-predikant van Bussum-Huizen, de staf over de ‘nieuwe hermeneutiek’, zoals die door Fokke Pathuis in Onderweg en door mij in mijn brochure Hoe komt de kerk uit de crisis? te hulp wordt geroepen. Boonstra vindt deze nieuwe hermeneutiek heilloos. Volgens hem verdraagt die zich niet met wat wij belijden over de Bijbel als het Woord van God.

In mijn reactie beperk ik mij tot mijn eigen aandeel. De aanleiding is duidelijk. In mijn brochure doe ik een appel op de kerken om verscheidenheid in visie over homoseksualiteit en vrouw en ambt te verdragen, met elkaar in gesprek te blijven en goed naar elkaar en de Bijbel te luisteren. Naast fundamentele Bijbeluitleg verwijs ik ook naar nieuwere inzichten over het verstaan van teksten. Ieder heeft zijn of haar eigen vooronderstellingen en –oordelen van waaruit hij of zij een tekst interpreteert. Dat leidt tot uiteenlopende interpretaties die we elkaar niet moeten willen opleggen. Voor de rest verwijs ik naar mijn blog van 9 november 2021 en naar de brochure die verkrijgbaar is via de boekhandel.

Wat is er volgens Boonstra loos? Volgens hem houdt de nieuwe hermeneutiek in dat we pas iets kunnen begrijpen wanneer we de situatie en de diepe intenties van de auteur van een tekst kennen. We zouden een oude tekst pas kunnen begrijpen wanneer we in de huid van de auteur kruipen en nagaan wat hij toen dacht en op het oog had. Hij noemt dit een psychologiserende opvatting van hermeneutiek. Daarmee sluit je volgens hem de auteurs op in hun eigen tijd. Hun horizon zou beperkt blijven tot de horizon van hun eigen tijd. Maar volgens Boonstra is dat bepalen van de oorspronkelijke context heel subjectief.  De moderne hermeneutiek doet je verzanden in het subjectieve drijfzand van jouw kijk op de situatie van toen en de intentie van de auteur. Vervolgens kan de uitlegger dan de Bijbel voor onze moderne oren enigszins acceptabel maken en datgene wat gezegd wordt veranderen.

Als hij met deze analyse van moderne hermeneutiek gelijk zou hebben, zou Boonstra terecht stellen dat deze opvatting van Schriftuitleg zich niet verdraagt met onze kerkelijke belijdenis over de Bijbel als Gods Woord. Zijn beschrijving van nieuwe hermeneutiek slaat de plank echter behoorlijk mis.

De proef op de som is natuurlijk of ik vind dat hij mijn brochure recht doet. Want als zijn ideeën over wat er bij goede tekstuitleg komt kijken juist zijn, dan past hij die uiteraard ook toe op de teksten die hij bekritiseert, waaronder de mijne. Welnu, ik kan je verzekeren dat dit helaas niet het geval is. Hij doet net of de nieuwe hermeneutiek voor mij het een en het al is en gaat eraan voorbij dat ik nauwgezet Bijbelteksten onderzoek op wat die te zeggen hebben, concreet op het punt van de scheppingsorde en van de betekenis van de wet. Ook probeer ik nergens in de huid van de auteur te kruipen. Boonstra meent het tegendeel te kunnen aantonen met een verwijzing naar mijn opmerking dat we aan de intentie van de tekst recht moeten doen. Maar deze verwijzing weerlegt hem. Met die opmerking speculeer ik niet op de subjectieve bedoeling van de auteur, maar richt ik me op de tekst.

Daar hoort nog iets bij. Boonstra doet net alsof alles afhangt van hermeneutiek, alsof de beste hermeneutische regels je een instrument in handen geven om de teksten te laten zeggen wat ze willen zeggen. Maar dat klinkt veel te methodisch. Het hangt altijd nog af van een werkelijke luisterhouding waarin je ontvankelijk wordt gemaakt door de heilige Geest, met fijngevoeligheid en oog voor samenhang, in nederigheid. Wanneer die ontbreekt gaat het altijd fout, daar helpt geen lieve hermeneutiek aan. Dat ik die nederige ontvankelijkheid in mijn brochure nastreef en van daaruit het gesprek zoek, daaraan gaat hij volledig voorbij.

Boonstra heeft een merkwaardig beeld van tekstverklaring. Hij is van mening dat je niet moet kijken naar de bedoeling, het waarom, maar alleen naar wat er staat, wat hij de ‘propositionele inhoud’ noemt, de in de tekst gedane uitspraken die waar of onwaar kunnen zijn. Dat is wel een heel smalle opvatting van tekstverklaring. Die is bijvoorbeeld in strijd met de opvatting van Herman Bavinck dat de historische geschriften van de Bijbel tendensgeschriften zijn. Dat betekent gewoon: ze hebben een bedoeling, een reden, ze bevatten een boodschap, ze willen iets bereiken. Ze willen mensen bewegen tot geloof en gehoorzaamheid en ze willen God groot maken. Als die bedoeling je ontgaat, ontgaat de betekenis je. Iets wordt altijd gezegd of geschreven met een bepaalde bedoeling. Vermoedelijk zal Boonstra iets anders bedoelen dan wat hij schrijft – of maak ik nu in zijn optiek de ‘fout’ van de nieuwe hermeneutiek? – , maar hij schrijft dingen die gewoon niet waar zijn.

De volgende misvatting is, dat de moderne hermeneutiek psychologiserend zou zijn, alsof we in de huid van de auteur zouden moeten kruipen om zijn tekst te begrijpen. Zijn tegenargument treft ook geen doel: ‘Er is immers communicatie mogelijk tussen verschillende culturen in verschillende tijden.’ Dat laatste is nu juist waar de moderne hermeneutiek van uitgaat. Maar zij is zich er ook van bewust dat we als gevolg van cultuurverschillen oude teksten kunnen misverstaan. Daarom moeten we ons zo goed mogelijk bewust zijn van de culturele vooronderstellingen aan beide kanten. Helemaal niet een uitlegger die de tekst naar zijn hand wil zetten; juist grote eerbied voor de tekst en wat die de ontvanger te zeggen heeft. De vooronderstellingen van de auteur komen we niet op het spoor door die naar believen in te vullen, maar door zorgvuldig de tekst te lezen.

Het spijt me dat bijna de enige overeenstemming in deze blog met Pieter Boonstra de klankovereenkomst in onze namen is. Ik had het graag anders gezien.

Er is één teken van hoop. Terloops schrijft hij: ‘Natuurlijk is het van belang om kennis te nemen van de context waarin de bijbelschrijvers leefden.’ Mijn vraag is dan onmiddellijk: waaróm is dat van belang? Als hulpmiddel dat eraan meewerkt de intentie van hun geschreven tekst te achterhalen? Als hij dat bedoelt, weerspreekt hij zijn eigen verhaal. Of mag ik die vraag naar het waarom en de intentie niet stellen?

Geplaatst in Logboek | Getagged , , | Een reactie plaatsen

2G is oké

Wanneer na verloop van tijd de samenleving weer opengaat, zal de discussie over 2G of 3G weer oplaaien. 3G heeft voordelen. Wanneer iemand genezen, gevaccineerd of negatief getest moet zijn om toegang te krijgen tot musea of evenementen, dan sluiten we geen mensen buiten. Daardoor wordt de tweedeling en de polarisatie in de samenleving zo min mogelijk gevoed. Dat is een reden om niet de voorkeur te geven aan 2G.

Dat wil echter niet zeggen dat 2G moreel verwerpelijk is. 2G wil zeggen: je bent of genezen of gevaccineerd, dan mag je naar binnen, anders niet. De derde mogelijkheid, negatief getest zijn, vervalt. Ongevaccineerde mensen worden dan voor het overgrote deel buitengesloten. Worden ze daarmee op een ongeoorloofde manier gediscrimineerd? Ik denk van niet.

Wanneer is sprake van ongeoorloofde discriminatie? Als er onderscheid wordt gemaakt op gronden die niet ter zake doen, bijvoorbeeld op huidskleur of geslacht. Discrimineren als zodanig gebeurt vaak ook op goede gronden. ‘Discrimineren’ betekent letterlijk ‘onderscheid maken’. Dat is gerechtvaardigd als er een goede reden voor is. Een voorbeeld van geoorloofde discriminatie is, dat jongeren onder de 18 geen alcoholische dranken mogen kopen. Reden: alcohol is extra slecht voor de ontwikkeling van hun hersenen.

Voor discriminatie op grond van 2G bestaat ook een goede reden. Mensen die gevaccineerd zijn kunnen het coronavirus bij zich dragen zonder dat ze er last van hebben. In een gezelschap waarin zich ook niet-gevaccineerden bevinden, lopen die laatsten een overmatig risico om door gevaccineerden te worden besmet. Daarmee kunnen zij een haard van nieuwe verspreidingen worden. Als gevolg daarvan raakt de gezondheidszorg overbelast. Behandeling van mensen met andere ernstige klachten moet op de lange baan worden geschoven. Dat is op z’n minst onwenselijk.

Bij de toepassing van 2G worden ongevaccineerden dus inderdaad achtergesteld ten opzichte van gevaccineerden, maar dat gebeurt niet op grond van overwegingen die niet ter zake doen. Bij het 2G-principe is dus niet sprake van ongeoorloofde discriminatie. Het is een offer dat ongevaccineerden voor hun keuze zich niet te laten vaccineren moeten brengen. Maar zij hebben geen reden dat iemand kwalijk te nemen. 2G is oké.

Geplaatst in Geen categorie | Getagged , , | Een reactie plaatsen

De coronastop: opnamestop in ziekenhuizen

Hoe moeten we de verspreiding van het coronavirus beteugelen? 1G? 2G? Of 3G. 1G betekent: alleen de mensen die getest zijn, mogen naar binnen. Maar dat vraagt om zo’n enorme testcapaciteit, dat dit niet reëel is.
2G wil zeggen: alleen de mensen met afweerstoffen mogen naar binnen, hetzij doordat ze genezen zijn, hetzij doordat ze zijn gevaccineerd. Ongevaccineerden komen er niet in, ook al zijn ze negatief getest. Want gevaccineerden kunnen het virus bij zich dragen en daarmee de ongevaccineerden besmetten. Dat leidt tot veel te hoge aantallen positief getesten. De ziekenhuizen kunnen dit niet aan. Maar dan sluiten we de nonvaxxers buiten en dat leidt bijna tot vaccinatiedwang. Dat is zo’n grote inbreuk op de persoonlijke levenssfeer, dat we dat niet willen.
3G dan: je mag naar binnen als je antistoffen hebt (door besmet te zijn geweest en/of door vaccinatie) of als je een negatief testbewijs kunt laten zien. Dat past het beste bij onze vrijheidsnormen, maar het is niet effectief genoeg.
Hoe komen we hier uit?

Misschien is er één manier om het virus effectief terug te dringen. Dat is dat de ziekenhuizen zodra een bepaald percentage ziekenhuisbedden door coronapatiënten wordt bezet, een opnamestop voor coronapatiënten instelt.
Dat lijkt een draconische maatregel: iemand met zware klachten, misschien wel ademnood, krijgt te horen: helaas, u kunt er niet meer bij. Ongetwijfeld gaat dit tot schrijnende situaties leiden die veel commotie zullen veroorzaken.
Echter, hoe schrijnend is het dat mensen die snakken naar een hartoperatie of een behandeling tegen kanker nu alsmaar moeten wachten, omdat er niet genoeg plaats is op de IC. Is dat niet precies hetzelfde, al lijkt hun situatie minder urgent? Die lagere urgentie is veelal maar schijn, want de risico’s op onomkeerbare en fatale schade worden door het uitstel verhoogd, ook al valt dat niet per geval precies vast te stellen. De urgentie lijkt alleen maar lager, als gevolg van het feit dat het verloop bij een individueel geval minder goed is te voorspellen. Maar de statistieken spreken duidelijke taal. Niet even acuut, maar wel even urgent.

Wat zijn de voordelen van zo’n opnamestop?
– Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen gevaccineerden en ongevaccineerden. Vol is vol. Geen discriminatie dus bij de poort.
– Het 3G-beleid kan worden voortgezet. Dit is niet supereffectief, maar dat drukt niet meer op de ziekenhuisbezetting. De opname wordt bepaald door de vastgestelde maximale opnamecapaciteit.
– Andere behandelingen kunnen ook doorgaan, zonder dat het personeel overbelast raakt.
– De verantwoordelijkheid komt te liggen waar die hoort: bij ons allemaal. Wíj zijn er verantwoordelijk voor dat het aantal besmettingen zo laag wordt en blijft, dat er geen patiënten onbehandeld moeten blijven.
– Dit beleid gaat ertoe leiden dat meer mensen zich laten vaccineren. Het vooruitzicht om bij ernstige ziekteverschijnselen niet de nodige medische behandeling te kunnen krijgen, lokt niet aan.
– Ook andere maatregelen zullen beter worden nageleefd, zoals de 1,5-metermaatregel, om dezelfde reden.
– Het resultaat zal zijn dat veel minder mensen ernstig ziek zullen worden. De opnamebehoefte neemt snel af, zodat de ziekenhuizen beneden het kritieke percentage blijven.

Als ik dit zo schrijf, denk ik oprecht het goede antwoord op de impasse te hebben. Tegelijk moet ik wel iets wegslikken. Ik realiseer me dat ik zelf, als 65-jarige, weliswaar dubbel geprikt, een van de patiënten zou kunnen worden voor wie geen plaats is in het ziekenhuis. Toch wil het er bij mij niet in dat ik dan slachtoffer word van een onrechtvaardigheid. Of het moest de onrechtvaardigheid zijn van hen die de regels aan hun laars lappen. Maar niet de onrechtvaardigheid van het ziekenhuisbeleid. Want het ziekenhuis moet in de volle breedte dienstbaar kunnen zijn aan ernstig zieken. Daar mag onverantwoord gedrag tijdens een pandemie geen afbreuk aan doen.

Geplaatst in Geen categorie | Getagged , , , , | Een reactie plaatsen